Text

Realities (After Dürer), oil on canvas, 185 x 135 cm, 1993

REALITIES (After Dürer)

In 1527 Albrecht Dürer made a woodcut in which he sets out his method of reproducing reality. We see the artist (probably Dürer himself) at work in his studio. Lying before him on the table a naked model. Between him and the model a so-called net frame, a window upon which a grid is applied, divided into thirty squares. On the table a sheet of paper with the same grid, as yet with no further line applied. The artist’s hand at the ready with a drawing pen. Two large windows with a view of pastoral landscape. Finally the artist himself, who with his eye behind the drawing needle, an obelisk-like object meant to concentrate the eye on a fixed point, observes the model before him.

Entering Dürer’s windowed studio through the gateway which frames my painting. Looking over Dürer’s shoulder. See how he traces lines in the woodblocks for his woodcuts, how he applies the thin contour line onto his paintings, so painting mixed with drawing. See illusion become reality. Watch how he looks at things, how he explores the woman’s forms with his eyes and everywhere around him frameworks, laths, objects and attributes, aids for the observation and knowledge of the reality.
Permanent metamorphosis. Images stand for values and conceptions, change again into other images. Just as bread and wine transform into flesh and blood in the wonder of transsubstantiation, or spirit to body, or art to life and again the reverse. What first seems immaterial becomes actually present until it returns again to the essence of paint on canvas. Images cannot be owned (that at most the paint and canvas) but are a question of surrender, or to quote Nietzsche, a little intoxication, a little madness. The susceptibility I have for this and I suspect others have it too, is an important motive for my work.

Ton Kraayeveld, December 1994

Published (in Dutch) in: ‘Ooglijdersgasthuis’, Ton Kraayeveld works 1990 – ‘99                                                                                                                           ISBN 90-803822-6-4                            

Nederlands

REALITEITEN (Naar Duerer)

In 1527 maakt Albrecht Duerer een houtsnede waarin hij zijn methode tot weergave van de werkelijkheid verduidelijkt. We zien de kunstenaar (Duerer zelf waarschijnlijk) aan het werk in zijn atelier. Voor hem op tafel een liggend naaktmodel. Tussen hem en het model een zogenaamd netraam, een venster met daarop een vlakverdeling in dertig vierkanten aangebracht. Op tafel een vel papier met dezelfde vlakverdeling nog zonder dat er een verdere lijn op staat. De hand van de kunstenaar in aanslag met de tekenpen. Twee grote ramen met uitzicht op weidse landschappen. Tenslotte de kunstenaar zelf die met zijn oog vanachter de tekennaald, een obeliskvormig object bedoeld om het oog te fixeren op een vast punt, het model voor hem observeert.

Binnentreden in Duerers gevensterde atelier door de poort die mijn schilderij vormt. Duerer op de vingers kijken. Zien hoe hij lijnen trekt in de houtblokken voor zijn houtsneden, hoe hij de schrale contourlijn aanbrengt in zijn schilderijen, zo schilderen vermengend met tekenen. Illusie werkelijkheid zien worden. Kijken hoe hij kijkt naar de dingen, hoe hij de vormen van de vrouw voor hem aftast met zijn oog en overal om hem heen raamwerken, rasters, objecten en attributen, hulpmiddelen voor de waarneming en de kennis van de werkelijkheid.
Permanente metamorfose. Beelden staan voor waarden en begrippen, veranderen weer in andere beelden. Zoals brood en wijn worden tot vlees en bloed in het wonder van de transsubstantiatie, of geest tot lichaam, of kunst tot leven en weer andersom. Wat eerst immaterieel scheen wordt werkelijk aanwezig tot het weer terugkeert tot de essentie van verf op doek. Beelden kunnen geen bezit zijn (hooguit zijn de verf en het doek dat) maar zijn een zaak van de overgave, of om met Nietzsche te spreken, een kleine roes, een kleine waanzin. De ontvankelijkheid die ik daarvoor bezit en die naar ik vermoed anderen ook bezitten, is een belangrijke drijfveer voor mijn werk.

Ton Kraayeveld, december 1994